Skip navigation Menu

Oud-medewerker Henk Murris

Henk Murris was vanaf de oprichting van de EH, 45 jaar geleden, tot 2015 werkzaam op de EH.

Ooit voor de Evangelische Hogeschool nog bestond, studeerde ik biologie en vond ik het wel een aardig idee om mijn jonge geloofsgenoten te confronteren met de evolutietheorie. Ik studeerde toch biologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Mijn aanstaande vrouw nam me eens mee naar een bijbelstudie-avond en op de een of andere manier werd ik aan het denken gezet. Van het een kwam het ander. Op een keer fietste ik gewoon langs de straat waar ik altijd al fietste, maar werd ik opeens ‘getroffen’ door de berk, die ik daar zo rustig zag staan. Wortels in de grond, een prachtige stam, blaadjes voor de fotosynthese. Die berk stond daar dag in dag uit te werken voor verse zuurstof en het hout kon je gebruiken om iets moois van te maken. En ik hield van houtbewerken en timmeren. Ik begon iets te begrijpen van het totaal van de Schepping met al zijn bijzondere aparte organismen. Neem zo een regenworm. Als dit diertje meer hersens had gehad dan zijn kopzenuwknopen, zou het dan nog grond eten? Het dier is voor zijn rol volmaakt en wormenmest is de beste die bestaat.

Ik leerde Willem Ouweneel kennen via de lezingen, die hij in die tijd hield, zoals “waren er dinosauriërs in de Ark van Noach?”. Ik stuurde eens een verslagje naar het jonge tijdschrift ‘Bijbel en Wetenschap’ over een grot in Engeland, die we op vakantie hadden bezocht. Op eens belde Willem Ouweneel op of ik mee wilde doen met een school, die hij met een aantal anderen wilde oprichten. Ze zochten docenten, maar ik studeerde nog, al was ik ook inmiddels assistent bij het eerste jaars vak ‘Ongewervelde Dieren’ aan de VU. Juist in die tijd had ik een boek gelezen, dat ik van mijn moeder had gekregen. Mijn vader en moeder hadden in de oorlog in Jappenkampen gezeten en waren wonderwel gespaard, anders was ik er zelf ook niet tenslotte. Het boek had de titel “Soldaten dominee” en ging over een jonge dominee die van zijn dominee over ‘roeping’ had geleerd, dat als iemand je ergens voor een of andere taak nodig heeft, dat dat wel eens een roeping van de Heer zou kunnen zijn. De bevestiging daarvan of niet komt dan wel onderweg. Toen de Japanners er aan het begin van de gevangenneming van Nederlanders en andere blanken in (toen nog) Nederlandsch Indië mensen in groepen verzamelden, riep een van hen tegen de jonge nog vrijgestelde dominee: “ga met ons mee”. Dat deed hij, beleefde ontzettend veel langs de wegen van dood en leven door de kampen en schreef na de oorlog zijn boek. Zou dit voor mij een roeping zijn? Docent aan een nog op te richten Evangelische Hogeschool? Zo is het gekomen en ben ik docent geweest vanaf het begin met  eerst het keuzevak biologie en in de laatste tien jaar tot mijn pensioen van het ‘vak’ “Oorsprongen Hete Hangijzers”.

Stel nu dat ik nu nog biologie of ‘Oorsprongen Hete Hangijzers’ aan de EH zou geven, wat zou dan één van mijn geüpdatet onderwerpen zijn? Nu ben ik zeer gegrepen door de moeiten van evolutionistisch ingestelde wetenschappers met de paradox van de informatie. Vaak wordt het onderwerp dan maar genegeerd. Zinnige informatie als de programma-informatie voor een computer ontstaat niet vanzelf, maar wordt uitgedacht en steeds verder verbeterd door intelligente ontwerpers als wij mensen zijn. Wij zelf zitten tjokvol informatie, denk alleen maar aan de erfelijke eigenschappen, geschreven in de taal van het DNA. Dat is voor een belangrijk deel ook programma-informatie voor levensprocessen. Leerlingen of studenten stelden mij wel eens de vraag: “meneer Murris, u bent toch bioloog, hoe kunt u dan geloven?” Zij gingen er blijkbaar van uit, dat iedere bioloog een evolutionist is, die gelooft in de oorsprong van het leven uit energie, materie, toeval door mutaties en natuurlijke selectie en heel veel tijd. Mijn antwoord bevatte altijd iets van ‘juist door de biologie geloof ik in de Schepper’. Hopend op zo een volgende vraag, die mij later gesteld zou kunnen worden zocht ik de erfelijke DNA-code voor het kleinste eiwit, die op een visitekaartje zou kunnen passen (zie illustratie). Dit om iets te kunnen laten zien van een programmacode voor de aanmaak van een proteïne. Mogelijk zou zo een besef ontstaan, dat zo een code, inclusief de productiemechanismen in een cel, niet zomaar door toeval kan worden voortgebracht. En vervolgens dat ik dat dan wat verder zou kunnen uitdiepen tot een getuigenis van de God van de Bijbel en het werk van onze Heer Jezus Christus.

Het is ook een heel actueel onderwerp met de voortdurend opnieuw optredende virusvarianten en mRNA vaccins en wat dat te betekenen heeft. Wat mutaties wel kunnen en wat niet enzovoort….

Wat Schepping is: concreet Ontwerp en niet ontstaan met behulp van evolutieprocessen over miljoenen jaren, zoals theïstische ingestelde wetenschappers proberen begrijpelijk te maken om maar ‘mee te kunnen doen’ met seculiere wetenschappen. Het onderwerp ‘Informatie’ was in de tijd dat ik college gaf over “Oorsprongen, Hete Hangijzers” actueel en blijft dat tot op heden en in de toekomst. Daar zou ik de studenten zo goed mogelijk mee informeren, zodat ze zelf tot het inzicht komen hoe om te gaan met de voortschrijdende kennis in de wetenschap. Wat echte (natuur)wetenschap onderscheidt van de vooronderstellingen, die zich bezig houden met de vragen over de Oorsprong en toekomst van ons mensen. 

WhatsappInstagramNieuwsbrief