Skip navigation Menu

Hoe houd je de moed erin als levensomstandigheden tegenvallen?

In een boek over de geschiedenis van de visserij op Urk staat de volgende anekdote.

Op een morgen vaart een Urker visser met zijn knecht uit om te kijken of er nog wat te vangen is. De jongen ziet het niet zitten en zegt: ‘Ik heb er niks geen moed op dat we wat vangen vandaag.’ Waarop zijn baas zegt: ‘Geen moed vist ook’ – en het wordt een rijke visvangst.

Hoe houd je de moed erin als levensomstandigheden tegenvallen en we langer dan ooit gedacht vastzitten in de coronacrisis? Gisteren las ik een artikel over hoe de tweede lockdown zijn tol eist. En dan zie ik woorden staan als: uitputting, spanning, eenzaamheid. Spanning die in gezinnen toeneemt, relatieproblemen en huiselijk geweld. Overbelaste ouders die contact opnemen met de school. En de jongeren zelf die het thuis saai vinden, die hun sociale contacten missen.

Nu de beleving van de crisis anders is dan in maart, toen er nog de angst was dat iedereen zomaar doodziek kon worden, richten mensen zich meer op zichzelf en tellen ze vooral hun tekorten. Wat allemaal niét meer kan en dat kan zomaar tot somberheid en depressiviteit leiden.  

Somberheid is niet goed voor een mens. Daar was Luther al heel duidelijk over. De beste man drukt zich soms wat hoekig en heel radicaal uit, maar toch geef ik nu graag zijn  gedachten over somberheid door. ‘Hoe somberder iemand is en hoe meer hij op de proef wordt gesteld, des te meer vat heeft de duivel op hem. Want via de beproeving komt de duivel bij ons binnen. Als het geregend heeft, hoef je nauwelijks meer te sproeien. Als het hekwerk kapot is, kan je er makkelijk overheen klimmen. Zo krijgt ook de duivel als we somber zijn makkelijk toegang tot ons. Daarom moeten we bidden en met andere gelovigen optrekken.’

Dat laatste vinden we op de EH verschrikkelijk belangrijk en daarom proberen we een gemeenschap te vormen met elkaar. Voor studenten is het essentieel dat zij optrekken met leeftijdgenoten met wie je kan dollen en genieten, maar met wie ook het serieuze gesprek wordt gevoerd over de zin van het leven, met wie je door geloofsvragen heen durft te kruipen en aan wie je ook je kwetsbaarheid durft te laten zien. En oh, wat is het akelig, vervelend en lastig dat dit nu vooral online moet gebeuren. Want met het verdwijnen van structuur door de lockdown ontstaat er ook moeheid en lamlendigheid en lijkt het beeldscherm steeds belangrijker te worden. Daarmee volg je de colleges, boven, op je eigen kamertje en als je daarmee klaar bent ga je op de bank hangen met je telefoon. Niet goed dus. Dus ik zie mijn collega’s hard werken om contact te houden met de studenten, om alternatieven aan te dragen voor een constructieve tijdbesteding. Nu de spontane ontspanning en ontmoeting mist en het dwaze dollen met elkaar, moet het anders. We stimuleren studenten elkaar (digitaal) op te zoeken en te bemoedigen. Sommigen zijn ook zo creatief om een soort challenge voor zichzelf te bedenken, een uitdaging waar je anders niet aan toekomt of die je anders nooit zou doen. En als medewerkers proberen we studenten ook te bemoedigen waar het maar kan.

Daar is moed voor nodig. Zonder moed kan je niet bemoedigen en zonder moed is het niet mogelijk blijmoedig te zijn. In het Nieuwe Testament is het woord ‘moed’ vaak in een werkwoordsvorm gegoten: moedig zijn, moed vatten en dan in de betekenis van volharden. Moed is iets wat je doet, niet per se iets wat je bezit. Het Hebreeuwse woord ‘chazak’ zegt dat ook: sterk zijn, machtig, heb goede moed, of: heb courage. En dan het liefst altijd! Zoals een oud lied dat zegt: ‘Houd moed, gij die op reis zijt, want daarmee kunt gij voort!’

Over die voortgang gaat het en daarin zijn we samen op weg met onze studenten. Eerlijk gezegd zou ik niet weten hoe dat zou kunnen zonder de troost en nabijheid van onze hemelse Vader, door Paulus zo prachtig verwoord:

‘Geprezen zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, de Vader die zich over ons ontfermt, de God die ons altijd troost en ons in al onze ellende moed geeft. Zodat wij door de troost die wijzelf van God ontvangen, anderen in al hun ellende moed kunnen geven.’ 

Januari 2021
Els J. van Dijk

WhatsappInstagramNieuwsbrief